Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

154 GESCHIEDENIS

Frederik Hendrik

Weinig beduidendeKrijgsverrigtingen.

1642.

rijmdheid van , aan den eenen kant, eene Mogenheid te befchadigen , die men , aan den anderen kant, bijftondt ; doch , geheel de handen vol hebbende met de nieuw verkreegene onafhanglijkheid te handhaaven, was het niet in ftaat deeze vertoogen te doen gelden (*). Ook moest het omzigtig te werk gaan met eenen Bondgenoot , van welken het zich den meesten bijftand beloofde , en wiens Zeemagt toen de ontzaglijkfie was van alle Mogenheden, fchoon dezelve, dit jaar, op de Kusten niet veel uitrigtte.

Ondanks de zwakheid der Spanjaarden , uit Portugal verdreeven, en in geheel Cataloni'è geflagen, waren de Veldtochten der Ferêénigde Gewesten niet gelukkig. Altoos bleef men , onder het fchijnbaar voorwendzel, dat de last des Oorlogs te drukkend wierd, en 'er een voormuur tusfchen Frankrijk en 't Gerneenebest moest blijven, in gebreke , om den Prins van Oranje eene genoegzaame magt teverfchaffen, om de voorkomende gelegenheden zichten nutte te maaken. De Spaanfchen heroverden op de Franfchen Lens en la Basfée , en gaven den Maarfchalk du Guiche de nederlaag. Al het voordeel van deezen Veldtocht bellondt hier in , dat Frederik Hendrik de Spaanfchen belet hadt , zich te veréénigen met de Kcizerlfken , door de Franfchen aangevoerd, en van den Graaf de Guebriant , in

Louw-

(') CoMMM.ro Fred. Hend. II. D. bl. Iir. LeClerc. tl. D- bl. 414. Du Büis, p. 129.

Sluiten