Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 191

fchen Hofs te houden. Menigmaal werd de Cardinaal Mazarin door 't kanaal van deezen Vorst onderrigt van de kuiperijen der Spaanfchen , die reeds verfcheide poogingen gedaan hadden, om hem

en de Staaten op hunne zijde te trekken. Toen

zijne Hoogheid voor Hulst, lag, zonden zij een Capucyner Monnik , in Krijgsmans gewaad , na de Legerplaats, die, gehoor verworven hebbende, ee. ne Volmagt vertoonde, om de gefchillen tusfchen Spanje en den Staat te vereffenen. Zijne Hoogheid Helde hem uit tot den volgenden dag. Vol hoope van gelukkig te zullen flaagen, verfcheen hij ter beliemder uure. Om te meer te behaagen , fprak hij lugtig over het fluk van den Godsdienst, en boodt dem Prins verfcheide voordeden voor zijn Perfoon en Huis aan, indien hij wilde arbeiden aan 'tbevorderen van een bijzonderen Vrede. Groot was zijne verwondering, wanneer Frederik Hendrik op een Brengen toon hem berispte over de rol, die hij fpeelde, eenen Geestlijken geheel niet voegende, en verklaarde, dat hij met die voorhagen na de Algemeene Staaten moest gaan. Dan nog grooter was zijne verbaasdheid , toen d'Ertuades te voorfchijn kwam uit het naaste vertrek , waar in de Prins hem verftooken hadt, opdat hij het geheele mondgefprek zou hooren. De Monnik, befpeurende , datmenmet hem jokte, vroeg zijn Geloofsbrief te rug, en vertrok, naa denzelven ontvangen te hebben (*). —— De

Mark-

(*) Basnage, Tom. I. p. ii. 12. Negociat. fecrci.

Tom.

Frederik

KENDRJÜ.

Sluiten