Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. a»x

iigt van den op handen zijnde Vrede zijnen Krijgsmoed verkoelde, 't zij zijn geest door den last der lichaamskwaaien gedrukt ging , 't zij Holland en Zeeland , en bovenal de Stad Amflerdam , deezen Krijgstocht dwarsboomden , dezelve was van geen gevolg. Zeker gaat het, dat zijne Hoogheid , met de Gemagtigden te Velde , onder verbintenisfe van het als een diep geheim te bewaaren, met Frankrijk overééngekomen was, om den Roomsch ■ Catholijken te Antwerpen, indien deeze Stad door hunne veréénigde wapenen gewonnen werd , de vrije oefening van hunnen Godsdienst te laaten behouden,ten minften in vier Kerken. De Staaten van Holland, éénea der Gemagtigden te Velde, den Heer van Wimmenum, dit geheim afgeperst hebbende, toondenzich^ gelijk ook die van Zeeland, zeer misnoegd. Zij gaven voor, alleen bezield te zijn door ijver voor den Hervormden Godsdienst ; doch zij vreesden veeleer voor het verlies van Koophandel, of het te groot worden van het Huis van Oranje. Zij gaven voor, die Stad niet te moeten belegeren , uit vreeze , dat zulks eene afwending mogt maaken , onder welker begunstiging de Franfchen hunne overwinnende wapenen , ter vergrooting van hunne reeds te hoog geklommenemagt, zouden gebruiken. De Franfchen fchreeven het mislukken van dien Veldtocht toe aan de zwakheid van geest des Prihfen, waar door hij, zeiden ze , fchler tot het gezigt der Stad genaderd zijnde , vergeeten hadt,, dat hij gekomen was om, dezelve aantetasten. Hij beval den hercocht, en

'ondt

Frederir Hendrik,

Sluiten