Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

25» GESCHIEDENIS

Frederik Hendrik.

I

re tijden aan wijlen zijne Hoogheid gedaan, geloofden, dat zij het fluiten, zonder gevaar, niet konden uitltellen: ten minften, zij gaven zulks voor. Eer zij wisten, of Frankrijk toeflemde', dan niet, inde wedergave van Lotharingen , zonder het flegten der ilerke Piaatzen, haasten zij zich ter tekeninge van den Vrede, op den dertiglten van Louwmaand. De Heer van Nederhorst alleen weigerde te tekenen, voor reden geevende , „ dat de Gewolmagtigden, „ door hun Derijitfchrift en Eed, verbonden waren, „ behoorlijk agtteneemen op het Verdrag , in den

jaare MDCXLI. met Frankrijk gefloten; dat het „ Bolluit der Staaten des jaars MDCXLVil. wel be., lastte, afzonderlijk met Spanje te verdragen , doch „ alleen wanneer Frankrijk aarzelde, of te rug tradt; „ dat hij oordeelde , dat de Franfchen zulks niet „ deeden, en dat de Spaanfchen veeleer des ver,, dagt moesten gehouden worden: waarom hij be„ floot, beter en geruster voor hem te zijn, dat hij „ niet tekende, kunnende de Provincie van Utrecht 5, zulks tijds genoeg doen, naa dat de andere Ge„ westen den Vrede zouden bekragtigd hebben (*)."

In deezervoege verlooren de leevendige en driftige Franfchen, zich vergaapende aan alle de voordeden, welken het lot der wapenen hun fchonk, de voor-

dee-

(,*) Bougeant, V. P' 415-417. 437-439- Negociat. (eer. IV. p. 120. 157. 188. 42/ . Wicquep. I. p. 5S. Ca?elle Gedenk/, II. D. b. 209.210. Aitzema, Predek, >1. 35i.

Sluiten