Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 263

vaardigen , de fchuld van 't afbreeken des Handels op hardnekkigheid hunner Bondgenooten werpende. Van den anderen kant gaat het niet min

vast, dat, indien de Franfche Ondeihandelaaren zich van harde en dreigende vorderingen onthouden hadden, daar zagte en toegeevende middelen noodig waren, en indien de Cardinaal Mazarin , door zijn twijfelagtig en dubbelzinnig'gedrag, de vermoedens der Staatfche Afgevaardigden niet gewettigd hadt, de algemeene Vrede zou gefloten geweest zijn.

Zo zeer haakten de Staaten van Holland na de bekragtiging van het Vredes. verdrag , dat zij vóórhelden , het, bij meerderheid van ftemmen, doortezetten, daar het , in gevolge van éénpaarig genomene Staatsbefluiten, getroffen was. Men behandelde dit ftuk in de Algemeene Staatsvergadering , tot welker bijwooning men zijne Hoogheid verzogt hadt. Zijn gevoelen werd eerst afgevraagd. Hij antwoordde, „ dat de zaak te gewigtig was, om bij meerderheid ,, van ftemmen te worden afgedaan ; maar hij riedt, %, de raadpleegingen acht of tien dagen uitteftellen, „ opdat die van Zeeland en Utrecht nog eens ver» „ flag mogren doen, en met nieuwen last terugkee„ ren." Die van 't laatstgcmelde Gewest verklaarden , geen uitftel te begeeren: en gaven genoeg te verftaan, dat zij zich niet zouden aankanten tegen het befluit ter bekragtiging, fchoon het terftond genomen wierd. Holland drong toen ernstig op het opneemen der ftemmen en het vormen van ,'t Befluir.

R 4 Doch

Frederik

HEïvDRJK.

De Hollandersdoen, bij meerderheid van ftemmen, hec Vredes ■ verdrag be-r kragtigen.

Sluiten