Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ü6S GESCHIEDENIS

Frederik Hendrik.

„ zou kunnen doen , als of zij de inwendige rust „ gehoord hadden, terwijl men aan den Vrede van „ buiten arbeidde ; dat zij hierom toeftonden, dat „ de Vrede ook in Zeeland wierd afgekondigd; „ terwijl zij bleeven betuigen onfchuldig te willen 3, zijn aan de verwarringen en rampen, die den „ Staat door dit afzonderlijk Verdrag gedreigd wer„ den: willende zij, door deeze hunne infchiklijk,, heid , geenzins goedkeuren de Handelingen der „ Algemeene Staaten , noch verfcheide Beiluiten, s, bij hun op dit ftuk genomen (*)." De openbaare afkondiging , in dit Gewest 5 ging toe zonder eenig vreugdebetoon., daar anders het geheele Gerneenebest van dien dag een juichenden Vreugdedag maakte, en allerwegen, uitgenomen alleen te Leyden, de

Steden groote vreugde bedreeven Men meent,

dat de Staaten den vijfden van Zomermaand beftemd hebben tot deeze ftaatlijke bekendmaaking , dewijl dezelve, naa een verloop van tachtig jaaren, de dag was der onthoofding van de Graaven Egmond en Hoorne : als wilden zij met die plegtige erkentenis der Vrijheid, Onafhanglijkheid en Oppermogenheid der Ferêénigde Gewesten, door Spanje gedaan , de Schimmen dier eerfte Slachtoffers van Nederlands Frijheid bevreedigen. Op den Dankdag , vijf

dagen laater vastgefteld, toonden zommige Predikanten geen deel te neemen iadeblijdfchapderLand-

zaa-

0) Notul. Zeel. 1648. bl. 165. Wicquef. I. Presv* p. 210. Aitzema, Predek, bi. 373.

Sluiten