Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 2S3

Vrouwen» en, meestentijds, oude Vrouwen waren, die deeze proeve moesten doorftaan , oordeelde men 't genoeg, dat de Stads Vroedvrouw 'er bij tegenwoordig was, en met de twee Perfoonen , tot het weegen aangefield, getuigde. Zij deelden met de Schepenen en den Gehelinfchrijver de zes Guldens en tien Stuivers , welken de Proevelingen moesten betaalen. Bij het uitgaan gaf men hun een Getuigfchrift , behelzende , dat hunne zwaarte geëvenredigd was aan hunne grootte, en'er, gevolglijk,niets, wat naar Duivelkunstenaarij zweemde , in hun Lichaam huisvestte : voor weinig gelds ontgingen zij dus de llralTe der verbranding. Zonderling is het, dat de meesten der Gewoogenen uit Westphalen kwamen. Maar nog zonderlinger , dat 'er nog in de Eeuw, welke wij beleeven , Befchuldigden gewoogen zijn, geen Vreemdelingen , maar Lieden, niet verre van Oudewater woonagtig. In de daad, men zou denken , dat onze Landsgenooten, in den tegenwoordigen tijd, te helder uit hunne oogen zien , om aan eenige Tooverij geloof te Haan, en zulkebelachlijke proeven te neemen (*).

Ten Hot van dit Tijdperk hebben wij nog aantetekenen, dat, onder het Stadhouderfchap vanFreüekik Hendrik , de Vaarten tusfchen Leyden , Delft en den Haage gemaakt zijn (f). Welverfneeden pennen hebben de ontelbaare voordeelen der meenigvul-

dige

(*) Befchr. van Oudewater, bl. 51.52.145.170. (ji) Commsl, Leeven van Fr. Hendrik, II.D.bl.20, T *

Frederik Hendrik.

Nieuwe

Vaarten, in Heiland gegraaven.

Sluiten