Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NE DERLANDEN. 525

heid der Zeefchuimeren optewakkeren. De Handel op de Middenlandfche Zee gevoelde de knellendfte neepen van de hand dier Rooveren : te ftouter wordende, daar, voor 't meerendeel, hunne Vorsten dit bedrijf begunstigden en onderfleunden. De Staaten, de befcherming des Koophandels altoos aanziende als het hoofdvoorwerp hunner Staatkunde , hadden den Vice-Admiraal de Ruiter met eene Vloot uitgezonden, om de Koopvaarders te geleiden, en de Zee van Roovers te zuiveren. Naa een langen kruistocht , kwam hij , in Wijnmaand , voor Cadix. Hier verftondt hij, dat de Regeering van Salé, met welke men onlangs den Vrede gefloten hadt, eenige Hollandfche Schepen aanhieldt, uit wederwraak we« gens een Saleesch Schip , door den jongen Tromp genomen. Men hadt reeds derzelver ontflag verzogt, zeggende, dat Tromp het gedaan hadt zonder last, en dat de Africaanfche Vorst zich bij de Algemeene Staaten , om fchdvergoeding , moest vervoegen. Dan deeze antwoordde : Indien Tromp op last der Staaten gehandeld heeft, heb ik regt', om mij te wreeken ; indien zonder last, hadt hij geen bevel noodig, om het genoinens wedertegeeven. De Ruiter zeilde na Salé; doch hij wilde daar geen geweld gebruiken in eene zaak, die zijn onpartijdig oog voor twijfelagtig aanzag ,. en , het ftormagtig weêr het verblijf op de Saleefche Kust onveilig maakende, keerde weder mCadixr: begeleidende voorts de Koop-

vaardijfchepen na 't Vaderland. In 't volgend

jaar hervatte hij den tocht tegen de Roovers, en tef' VI. Deel. 2. St. Q feBS

StaatsRegee«

ring.

Sluiten