Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

&t GESCHIEDENIS

StaatsRegee-

RING.

ZeeroO' verijen der Engelfchenen Franfchen,

belet, dit werk doortezetten voor het jaar MDCLXI, wanneer de Ruiter weder in zee hak, om de Middenlandfche Zee te zuiveren. Hij kruiste 'er omtrent een en een halfjaar, zonder den Roovcren veel afbreuks te doen, die door welbezeildheid, roeijen, en het hout zeilen bij nagt, meest ontkwamen. Hij trof eerst eenen Wapenftilftand met7#»/ren Algiers, en, naa veel moeite, om vrij Schip , vrij Goed en vrij Volk te bedingen, eindelijk den Vrede: met die van Tripoli kon hij niet verdragen. Die van Algiers, alleen door vreeze overgehaald , verbraken den Vrede, zo ras de Ruiter, hun fchrik , met de Vloot geweeken was (*),

Wij hebben reeds gezien, welk een vreeslijken (lag de Engelfchen aan den Koophandel der Ferêénigde Nederlanden hadden toegebragt vóór en geduurende den Oorlog. Zij beroemden zich, in dit korte tijdsverloop, omtrent vijftienhonderd Schepen genomen ie hebben. Al te aanlokkend was deeze winst, dan dat de Vrede geheel een einde zou maaken aan deeze rooverijen, fchoon de Regeering de fchuldigen niet durfde befchermen. Doch van de Franfche Rooffchepen hadt het Gerneenebest meest te lijden. Zints den Munfierfchen Frede was Frankrijk altoos op 't zelve gebeeten geweest. De Vrede , met Engeland gefloten, zonder Frankrijk in denzelven te begrijpen, hadt dit misnoegen vermeerderd: en oor-

deelde

(*) Brandt, Leeven van de Ruiter, in de opgeroeide

Sluiten