Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. #y

in, opgefteld in de taal der Engelfche Geestdrijveren van dien tijd. Zij noemde Downing een Hond,

verbasterd van het bloed zijner Weldoenderen. -

„ Holland was altooseeneveilige Wijkplaatsgeweast

„voorde Bannelingen des Heeren Een

„ Vrede , verzegeld door zulk bloed , zou ^ooge„ zegend weezen." — Zij beflootj met zich te vergelijken bij Abigacl, dieÜAviD van bloedftorten te rugge hieldt. Men gelooft, dat de Staaten gaarne deeze drie Heeren zouden hebben laaten ontglippen, of in vrijheid ftellen ; maar Downing het ze zeer zorgvuldig bewaaken, en de Koning van Engeland eischte met zo veel aandrangs de Slachtoffers , die hij aan de Schim zijns Vaders wilde toebrengen , dat ze na Engeland gezonden, en aldaar als Konlngs-

moorders geftraft werden. Het Hof van Zo»*»

was zo wel te vrede op de Staaten, dat de Kanfelier een Brief fchreef, om den Raadpenfionaris de Witt te bedanken; doch de Vrienden deezes Staatsdienaars waren dermaate verwonderd over het deel, 't geen hij in deezen handel genomen hadt, datzijden lof des Konings van Engeland voor een trek hielden , om zijne agting te bekladden (»).

Nogthans werkte deeze toegeevenheid van de zijde der Staaten weinig uit, om het Verdrag te bevorderen: zij gaven, derhalven , des draalens moe- \

(de,

C*) Ster, Refol. Hall. x66ï. II. D. bl. 320. Ref,lt Holl. 1662, bi. 64. 65.82. De Wirr, Ërieven, IV. D.* bl, 335.227. Basnage, p. 635.

T3

Staats* Regeering.

I

Verbond, net Engeland • [eflocen.

Sluiten