Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. NEDERLANDEN,

35

Dordrecht, Schiedam, en boven lil Amjlerdam, zich daar tegen aankantten. In den jaare MDCLX. voerde deeze Bisfchop, op nieuw , den Oorlog tegen zijne Onderdaanen: hij bereikte zijn oogmerk, en beroofde Munjïer van de Voorregten , die hetzelve bezat. Weder tegen de Staaten verbitterd, die, ter deezer gelegenheid, de Munflerfchen met Geld onderfteund hadden, was hij , zints lang, bedagt op eene gelegenheid , om zich te wreeken. Met het jaat MDCLXI1I. eischte hij de wedergave van de Heerlijkheid Borkelo , zo hij beweerde , in den jaare MDCXVI. zijnen Voorzaaten ontvreemd. De Staaten van Gelderland trokken deeze zaak voor hunne Regtbank, en verklaarden zich ten voordeele des Graaven van Stirum , wegens dit Leen huns GeWests. De Engelfehen zogten allerwegen der)

Verèènigden Nederlanden Vijanden te verwekken, en 't viel hun niet bezwaarlijk deezen trotfehen en wraakzugtigen Kerkvoogd in hunne belangen overtehaaien. Dewijl hij meer wils dan tnagts bezat , be> loofden zij hem onderlrand tot het onderhoud:zijns Legers. Hij, die met woorden , weinig voegende in den mond van eenen Geestlijken, verklaaide, dat kleine Heiligen zomtijds groote wonderen deedsn. hadt ten grondregel, dat een Krijgsman zonder ge weeten en meêdogenloos moet ;: weezen; en dat eet Vorst niet kiesch behoorde te zijn ten opzigte var de middelen, om zich te vergrooien, dewijl het Ge iuk dikwijls de Stouten helpt, en ten mïnften der zodanïgen, die het bedriegt, den roem fchenkt vat C % iet

Staats-

RegeSrin«.

i

l

t l 3

Sluiten