Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

r»R NEDERLANDEN. Co

ven van Brest, onder het bevel des Hertogs van Beaufort, tweeëntwintig Schepen, van dertig tot veertig (tukken, fterk. Deeze maakte toen de geheele Zeemagt van Frankrijk uit. Lodewijk de XIV. hadt zo veel zorg gedraagen, om zulk eene zwakke Vloot alleen niet bloot te (lellen aan de Engel' fchen, dat de Ruiter ze niet kon aantreffen, fchoon hij tot de hoogte van Bsulogne zeilde. Dieper durfde hij zich niet in 't Kanaal begeeven, om 's Lands Kusten, zo hij in de Bogt vervallen mogt, en door tegenwinden opgehouden worden, niet onbefchermd te laaten. De wind, die hem gediend hadt, hieldt de Franfche Vloot op. De Engelfehen , bezeffende hoe zeer het hunne zaak was , de Vloot aantetasten voor die verèéniging, kwamen op der Staaten Vloot af ; doch, 't zij ze aan hunne eigene kragtenwantrouwden, 't tij het Zeebeleid van de Ruiter , om den wind van zijnen Vijand te houden, hen affchrikte, 't zij Albemarle , gelijk men verzekert, volftrekt bevel kreeg, om, zo ras mogelijk, binnen te komen, ter oorzaake van den geweldigen brand te Linden, de beide Vlooten hielden (legts een fchutgevaarte. Een ftijve wind oplteekende gaf de Vlooten reden genoeg, om zich geheel ven elkander te verwijderen. De Staatfche worftelde met tegenwinden, endeziekte op de Schepen was groot. De Ruiter zelve werd door de koorts aangetast. Alle deeze redenen bewoogen hem, om zich meer van't Kanaal te verwijderen , en de Havens van het Gemeenebest optezoeken. Op 't hooren hier van,^klaagde deKoninj E i VU

Staats» IIegeeru\g,

t

Sluiten