Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

7%

GESCHIEDENIS

STAATf-

Regee-

ring.

pen was , moede , na den Vrede (*). De

Staaten begonnen, van hunne zijde, desgelijks den last deezes Krijgs, welke, voor dit loopende jaar, op vierenveertig tonnen fchats begroot werd, te voelen; eene fomme, zo verbaazend voor dien tijd,dat de Graaf d'Esteades 'er met fclirik van fpreekt; en Holland moest alleen die meest uitfchieten. De Hoofden der regeerende Partij vreesden voor de gevolgen der inlandfche beweegenisfen , ten voordeele des Prinfen van Oranje. Het groot aantal hunner Benijdden fcheen alken een ongelukkigen Zeeltrijd aftewagten , om het Volk tot het bewerken van 's Prinfen verheffing aantczetten. De Vrede boodt hun, in tegendeel, het aangenaam vooruitzigt aan , om, geduurende denzelven, hun wankelend gezag te (tijven, en rust en geluk aan't Gemeenebest te verfchaffeu. De hulp van Frankrijk dagt hun ook te nauw verbonden met een (tap, welks uitzigten , van dag tot dag, meer verdenkens baarden. De Raadpenfionaiis hadt reeds, zints eenigen tijd, het oog op Engeland gewend , om 'er eene Vredehandeling mede aantevangen. Met ée'n woord , de grondregel van Staatkunde , ten dien tijde 5 hoofdzaaklijk zijnde, de Nabuurfchap van Frankrijk te dugten, werd het •onvermijdelijk, alles aantewenden , om de oogmerken van dat Rijk te verijdelen Q).

De

(*) Aitzema, V. D. bl. 746.747. DeGuiche , p. 304. (f) b'Estrades, IU.p. 64.619. De Witt, Brieyen, II. D. bl. 184. 190. 198. 202.205.

Sluiten