Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de* NEDERLANDEN. 87

deren het landen te beletten, en de Ingezetenen gerust te Hellen De wind tegenloopende , oordeelde men 't ongeiaaden, het Krijgsgeluk , 't welk dus lang verwonderlijk hadt medegeloopen , verder te beproeven. De Schepen zeilden den Theems af. De Ruiter hieldt den mond dier Riviere eemgen tijd gefloten, fmaldeelen afzendende , om te kruis, fen ,° en de Havens van Engeland te ontrusten; doch, op deezen onvoorzienen wapenkreet in dit algemeen gevaar, hadden de Engelfehen na alle gedreigde Plaatzen zo veel magts; gefchikt, en de middelen ter verdeediginge met zo veel ijvers gereed gamaakt ,. dat het beftaan eener landmge hoogstgevaariijk bleek te zijn. De werkzaamheid der Vloote bepaalde zich voorts , in de Engelfche Kust bezet en in onrust te houden. Dit is een kort verflag eener onderneeminge , door de Nederlanders alleen uitgevoerd, en welker roem alleen t< na gefprooken wordt door nijdigen en laaghartigen Zij willen niet erkennen , dat groote onderneemin gen eene ftoutheid vorderen , die aan roekloosheic grenst. Het gelukkig flaagen kan bij hen nauwhjfc dit beftaan regtvaardigen. Zij zien in de Witt al leen den gelukkigen Waaghals, en die groote Ma ontglipt hunne opmerking , of zij willen dien nu ontdekken. Zij hebben 'er geen denkbeeld van, d; de zwaarigheden verkleinen in 't gezigt eens kloe ken Verltands, dat, de zaaken in 't groot befchot wende, een gevaar verfmaadt , 't welk een diepe indruk maakt op den geest der Half-Staatkundige.

F 4 \

Staatj-

Reges-

KIKG.

I

1 t

li

n.

e.'

Sluiten