Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 175

ke Stad aangedaan ; de zaak in de Vergaderinge van Holland te brengen, en te onderzoeken, of die van Rotterdam, uit eigene beweeging , of uit last van hunne Principaalen, zoo fcbamperlijk van deeze Stad gefproken hadden; met bijgevoegde verklaaring, dat zij zulke Regenten hunner Stad , die tot dergelijk verwijt gegronde reden gegeeven hadden, naar verdiensten wilden doen ftraffen; met ernstige bede aan hunne Edele Groot Mogenheden, om tegen zulke lasteringen in het toekomende te voorzien , indien , gelijk zij vertrouwden, niet mogt kunnen beweezen worden, dat eenig Amfterdamsch Regent daar toe reden gegeeven hadt (*).

Dan, bijgelegenheid van de verheffing des Prinfen van Oranje tot Capitein-Generaal, reezen 'er langduurender gefchillen , en de Stad Amfterdam toonde alstoen het ftelzel,ten voordeele van den jongen Vorst, omhelsd te hebben. De Edelen en eenige Steden hadden in 't midden gebragt , dat, in het verkiezen van een Capitein Generaal of Hoofd over 't Leger van den Staat voor langer tijd dan éénen Veldtocht, niet zou kunnen bellotenworden bij oveiftemming , maar alleen bij vrijwillige overgifte van alle de Leden. Doch Amfterdam kantte zich heftig tegen deezen voorllag , en deedt aantekenen, niet te kunnen aanzien , dat zodanig eene Verklaaring in der Staaten Register werd te boek gefield (f).

De

(*) Wagenaar , 4mft. V. bl. 314. (t) Refol.Holl.1670. bl. 116 enz.

StaatsRegee-

r1ng.

Gefchil over de aanftelüng van den Prin* tot Gapitein.Gene* raai.

Sluiten