Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 23?

zich in deezervoege te gedraagen omtrent het Volk van Engeland, 't welk niet , dan met weerzin, eene dergelijke verbintenis aangegaan hadt, en, ondanks den Vorst, van Standaard verwisfeld , ook in Maat zou geweest hebben den Franfchen veel kwaads te brouwen, 't Blijkt zelfs uit de voordellen , korten tijd daar naa gedaan , dat Frankrijk zich over 't algemeen hieldt aan 't eerfte plan, met Carel den H. ontworpen.

Het vertrek des Prinfen van Oranje deedt Utrecht

alle hoope ven behoudenis verliezen. Dit Ge-

west, aan zichzelven overgelaaten , als ookvanmanfchap en voorraad ontbloot (*), wist geene maatregelen van voorzigtigheid te beraamen, of 'er zelfs den fchijn van te bewaaren. Het befluit viel , eene Bezending den Koning van Frankrijk toetefchikken. Zo groot was de verlegenheid der Regeeringë, dat zij, in 't eerst, het oog lieten vallen op twee geringe Kooplieden , Franfchen van geboorte, te Utrecht woonagtig, zich verbeeldende , dat zijne Majefteit deezen gunstiger verhoor zou leenen dan de aanzienlijklte Heeren des Gewests. Zij vaardigden nogthans drie der voornaamften af, om met den Koning te verdraagen , naamüjk van Weiland, van Berkestein en van der Voort. Middelerwijl

(*) Zie hier over in 't breede, Hijlorisch Verhaal van de onvettige behandeling, der Provintie en Stad Utrecht aangedaan in de jaaren i6j2——1674, uitgegeeven 1784, bl. 19 enz.

StaatsRegeering;

Utrecht door de Franfchen ingenomen;

Sluiten