Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. &6i

den worden ? Amfterdam hernam hier op, dat men zich met Burgers en Boeren verdeedigen moest, en voorts wagten tot 'er meer geregeld Krijgsvolk zou sarigeworvën zijn, waar mede men dagelijks vorderde: en befloot alles met te betuigen ,' van niet te kunnen Hemmen in de verleende onbepaalde volmagt.—■ Leyden, als't ware het tegenbeeld san Amfterdam, deedt , ten deezen dage, eenen geheim gehouden voorilag, of men nïet, wanneer zich te veele zwaarigheden in de handeling opdeeden , voor Holland alleen zou kunnen handelen, en de Groot daar toe last geeven? 't welk in allen gevalle beter zou zijn, daii dat de Hollandfche Steden genoodzaakt zouden zijn elk voor zichzelven te fluiten. De Edelen en veele Leden keurden deezen voorflag goed. Delft meende, dat men de Groot kennis van dezelve behóórde te geeven. Hier vari fchijnt niets naders gekomen te zijn (*),

Onder het woelen deezer gefchillen werd de Volmagt der Afgevaardigden , om met Lodewijk den XIV. te handelen , opgemaakt, en zeer onbepaald gefield. Spronser. tekende dezelve in ftede van den Griffier Fagel , die het voluit weigerde. De Groot gaf, in het doorreizen , den Prins van Oranje , in het Leger te Bodegraave , kennis van zijnen last. Deeze fcheen zeer ontfleld, als hij ontdekte , dat de Hoofden van den Staat zo weinig moeds betoonden, cn begon zelfs te vreezen , dat de zaaken tot een

wan-

(«) Wacenaar Faderl. Bift. XIV. D. bl. 551» R-3

Staats-

regeerik g.

Sluiten