Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. NEDERLANDEN. 501

Leeraars van den heerfchendcn Godsdienst gaven toen blijk van hunne verkleefdheid aan het Huis van Oranje. De Jaarboeken dier tijden hebben ons de naamen bewaard van eenigen, die hun charaéler als Leeraars des Vredes met de fchandvlek van oproerigheid bezoedelden , 't Volk Rijvende in de gedagten, dat veele Leden der Regeeringe den Lande ongetrouw waren; en dat de zaaken zo flegt gingen, dewijl men den Prins van Oranje te weinig gezags gaf. In den Haage muntte onder deeze yveraars uit Tiiadd/Tlus de Landman en SlMON SlMONIdes 1 te Rotterdam, Jacoeus Bqrstius en Joannes Ursinus. Te Haarlem durfde Samqel Gruterus op den Predikftoel verklnaren, dat'er onder de Regenten dier Stad verraad en kwaad bejlier fchuilde. Ondervraagd, wat hij daar mede bedoelde ? pastte hij het toe op den Ambasfadeur de Groot, dien hij een vuil Ei, op Loevejlein uitgebroeid, noemde.

Leyden, eene Stad, die, in deexen ongelukkigen tijd, ter Vergad^ringe van Holland zich ldeiamoedigu betoonde, was de eerfte in het doen van den voorflag , om 't gezag des Prinfen van Oranje te vergrooten, en hem van de Afgevaardigden ten Velde onafhanglijk te maaken» als het eenig middel, om de. cJiheilen van den Staat te herftellen (*).

Di|

(*) Kef oh Holh 1672. hl. 187. Aant. van de Pen/lot* Vivien en Hop, vaa den 20. 24. en 37. July 167;. Jüfc

As

WlLT.EM DE III.

Eerfie vootflag s om den P.ins meer gs.zags te. geeven,

Sluiten