Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3?4

GESCHIEDENIS

Willem de III.

Lot hunneiBloedverwanten en Aanhangers.

gen dag gevolgd, de Harten uit het lijf der Vermoorden. Hij wilde het naderhand duiden , dat hij deezen eenen Jongen ontweldigd hadt; doch, terftond, dien eigen avond, in eene Herberg komende , toonde hij de nog bloedende Harten aan eenige Liefhebbers van zijne Hoogheid, en wist te zeggen, dat het grootste dat van den Raadpenfionaris was. Hij gaf voor, ze aan den Prins, of aan den Koning van Enge/and te willen zenden ; doch heeft ze bewaard in Terabintiin Oly , en dikwijls vertoond , zo zommlgen zeggen , om geld. Tot dit wederkeeren na de ftrafplaatze, zeide hij , opgewekt te zijn door' een brief, in den zak van Joan de Witt gevonden, en aan Beveuningk gefchreeven , waar uit het verraad klaar bleek. Men weet van deezen Brief niets meer dan de volgende bijzonderheid , dat Verhoef, voorgeevende, des nagts , bij den Prinfe in 't Leger geweest te zijn, zich , des anderendaags , met zulk een Brief vervoegd heeft aan 't huis van den Procureur Sterreveld , in den Haage , op hem begeerende, dat hij 'er twee Affchrifcen van maaken zou, die, 's avonds, door een Paadje van zijne Hoogheid zouden afgehaald worden, gelijk gefchiedde (*).

Met reden dugtte men, dat de woede deezer opgeruide menigte zich zou uitdrekken tot alles, wat den naam van de Witt droeg : hierom werden de Kinderen van den geweezenen .Raadpenfionaris geborgen

(*) Wagenaar Faderl.Hift. XIV. bl. 157 enz. Basnage, II. p. 306 enz.

Sluiten