Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MkNEDERLANDÉR 37*

én zijn leevén voor 's Lands welzijn waagde, gevaar liep , om van al het zijne , zo eerlijk gewonnen, ombloot Én beroofd te worden door het opgeruimde Grauw, 't welk zijn huis te Amper dam dreigde te plunderen, heiii fcheldende voor ten Schelm , dis 's Lands Vloot aan de Franfchen hadt verkogt , en in handen zoeken te leveren : en uitdrogende, dat men reeds gezien hadt, hoe hij , aan handen en voeten gebonden, in den tlaag gebrag't was. Een Brief van zijte hap 1, op dien dag uit de Vloot gefchree* ven , toonde de valschheid van dit g'-rugt, zo ge^ fchikt om de Plundefzugt de roofgierige klauwen te doen uitile'eken. En zou deeze egter , raar aller» fchijn, het boosaartig voorneemen volvoerd hebben ï indien de trouwhartigheid, moed en beleid van den Heer Smit , als ook dé goedwilligheid zijner Schutteren en andere Burgeren , niet in tijds in de weer waren geweest , om het kwaad afteweeren , en het huis en de huisgenooten te béfchermen. DeRuitus verzogt vrije hoede van zijne Hoogheid; doch deeze was hem en den zijnen op 't verzoek van andere Vrienden verleend, fchoon ze, ergens opgehouden,' èeïst etlijke weéken daar naa in handen van Mevrouw

de'

Waarop hij, geiwg merkende waar het heen wilde, rustig; antwoordde: Indien het hier in 't Vader .and zo gelegen is, dat men de waarheid niet mag fpreeken , zo i. het 'ei- elendig gefteld; nogthans zal ik die fpreoken , zolang inijne oogen open Jlaanï Brandt, Leeven van de kvitérf bl. 758.

VIL Deel. a.St. Ê

Willek de LUi

Sluiten