Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. NEDERLANDEN. 437

Carthagers de kunst leerden van Zeegevegten , en hunne Meesters evenaarden.

Ontzaglijk was het vertoon der veréénigde vijafidlijke Vlooten, die als 't ware de Zee, zoverre men zien kon, befloegen, en, op die overmagt deunende, zich grootlijks verwonderden , dat onze Vloot, met volle zeilen , derzelver komst afwagtte. Eenige Fregatten, vooruitgezeild , begonnen reeds van verre te fchieten, als of zij de Nederlanders wilden vervaaren; .doch het hadt eene ftrijdige uitwerking. Eenigen zeiden , deeze Lieden zijn bang ; zij fchieten, eer zij raaken kunnen. Welhaast werden zij van 't gros der Vioote gevolgd , en de Graaf d'EsTRéES begon, 's middags ten één uur, op den zevenden van Zomermaand, den eigen dag des flags in Soulsbaai, des voorleden jaars , het gevegt met Tromp. Het gevegt ging zo hevig toe, dat Tromp driemaal var. Schip , uit hoofde van reddeloosheid aan Masten en Stengen , moest verwisfelen. De Ruiter ftreedt tegen de Roode, en B-ankert tegen de Blauwe Vlag der Engelfehen. Hij zag kans,om een merklijk getal vijandlijke Schepen aftefnijden; doch hij liet dit voordeel vaaren , dewijl hij dienstiger keurde, de Vloot bijééntehouden , en Tromp, dien hij oordeelde in nood te zijn , optezoeken. Regt tijdig da3gde hij voor dien Zeeheld op , die, hem ziende naderen, verheugd , zijn Volk toeriep: Mannen, houd moed .' daar is Bestevaar, die zal ons helpen. Ik zal hem ook niet verlaaten , zo lang ik leef! Overal, waar de Ruiter, met het Schip

de

Willem de III.

Slag van de Hollandfchemet de Engelfche en Franfche Vlooten.

Sluiten