Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

454 GESCHIEDENIS

WlLtEM DE III.

De Nederlanders fpeelden met dit Verdrag een meesterlijke fireek in de Staatkunde, zich ontdaande van eenen zo ontzagljken Vijand, als de Koning van Groot - Brittanje, eii ontnamen, om zo te fpreeken, dien van Frankrijk zijne regteharid. Indeezervoege werd de Oorlog , die begonnen was door de Engelfehen , met de Smimafche Vloot , zonder eene gedaane Oorlogsverklaring , te neemen , geëindigd , door de verbreeking van 't Verbond, met Frankrijk aangegaan. De Oorlog nam eenen aanvang door eene daad van vijandlijkheid, onvoorzien bij het Gemeenebest, en de Vrede verbaasde Frankrijk niet minder.

Deeze Vrede, die de banden van éénigheid tusfchen de twee Koningen moest verbreeken , deedt eene veel nauwer, doch heimiijke , verbintenis gebooren worden. Carel de Il.vcronttchuldigdezicb. bij Lodewijk den XIv, door de verlegenheid , waar in hij zich bevondt, ter oorzaake van een wederftreevend Parlement: en de Franfche Vorst liet deeze verontfchuldigingen gelden. Üakel , die de partij van Lodewijk niet dan noode verlaaten hadt , béhieldt altoos voor dien Koniug dezelfde gevoelens, als hij koesterde, toen zij nieuwverknogte Bondge. nooten waren. De Hertoginnen van Cleveland en van Portsmouth, die alles op zijn geest en hart vermogten, hielden deeze gevoelens leevendig : en Frankrijk, aan welks belangen zij geheel en al geheg t waren, erkende edelmoedig de beweezene diensten. De Koning van Groot - Brittanje zondt, om

Lo.

Sluiten