Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Der. NEDERLANDEN. 523

die Stad; die echter door de Franfchen weder bezet en veriierkc werd (*).

Het Krijgsgeluk liep den Franfchen in Duitschland tegen. De beroemde Turenne , die , in het voorgaande jaar, den Rijksvorsten het hoofd gebooden, hunne Legers verflagen, en den Elzas voor Frankrijk bewaard hadt, wns , naa twee maanden heen en weder trekkens , om het Keizerlijk Leger, onder den Graaf de Montecuculli , het beleg van Philipsburg te beletten ,' tot Saltsbach voortgetrokken, en maakte, den tijd óm den Vijand met voordeel aantetasten gebooren agtende , alles tot een hoofdtreflen gereed. Op eene hoogte geklommen, waar hij voorhadt eene Batterij aanteleggen, trof hem een kanonskogel , die hem het leeven benam. Die zelfde kogel fchoot den arm af van den Markgraaf de Saint Hilaire, die, zijn Zoon daar over ziende fchreijen, hem , als een andere Regulus , te gemóete voerde : Mij niet , maar dien groeien Man moet gij beweencn '. In de daad , dit verlies was een verlies voor geheel Frankrijk. De droefenis des geheelen Volks over dien dood mogt vergeleken worden bij die der Romeinen over den dood van GertiANicus. De omdeltenis das Legers was ohbèfchrijilijk. De Franfche Krijgsknegten , die zich. eenige oogenblikken geleden , als van de overwinning verzekerd hielden, zagen nu niets dan eene neder

(*) Tweejaarige Gefch. bl. 556 570.617 Ó30,

719. 726. 774'

P 2

Willij»

de III.

Dood van Tu-

1u1khs,

Sluiten