Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

£24

GESCHIEDENIS

Willem

DE UI.

derlaag te gemoet; en de Keizer fchen, die het voor een veiligen aftocht, in 't eerst, wel zoudenhebben willen p.fmaaken , oordeelden nu het geheele Franfche Leger te kunnen ilaan. Maar de Graaf de Lor ges , Neef van Tüeenne, en zijn Opvolger in het Bevelhebberfcbap , deedt een zo voorzichtigen aftocht, dat Krijgskundigen denzelven in eere met eene overwinning gelijk delden, en booden ó.tF>anfchen Montecuculli, als hij de achterhoede aantastte , kloeken wederftand. — De Prins van CoNDé, het bevel over het Leger in de Nederlanden aan den Hertog van Luxemburg gelaaten hebbende, volgde Tujjeinne op, en noodzaakte de Keizer fchen de belegeringen van Hagenau en Sabern optebrëeken, den Rhijn overtetrekken, en in hun eigen Land te legeren. — Het gelukte 't veréénigd Leger den Maarfchalk Ckequi voor Trier te verrasfen , waar hij gedagen en gedwongen wierd de Stad , in welke bij zich geworpen hadt, overtegeeven (*). Men heeft opgemerkt , dat deeze bijkans de eenige dag is, welken de Franfchen verboren hebben in een verloop van zestig jaaren, te rekenen van den dag bij Rocroi tot dien van Bleiheim of Hochfiet. Zcd«nig was toen de kragt en 't beleid dier MonarcbyeZodanig was ook de daatkunde en het vermogen dir andere Volken, dat zij altoos hunne verhezen wisten

(*) Feuquieres Mem. Hifi. £? Milit. Torr. II, p. 32. Tweejaar. Ucfck. bl.558 — 003.632— 641 • 660. GOj— 7°3- 7-9' 723'

Sluiten