Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 537

voogd zijne Landvoogdijfeliap van denzelven niet wilde laaten afhangen ; en de eer des VeWtpehts bleef aan den Koning , dewijl hij zijn oogmerk bereikte , eene Stad in 't oog zijns Vijands wegneemende (*).

De Prins van Oranje, die het verdriet hadt van deeze Plaatzen te zien wegneemen, dagt deeze fcha* de te boeten door den Franfchen de eenige Stad, die hen van alle hunne venneesteringen op de Algemeene Staaten nog was in handen gebleeven, Maastricht naamlijk, te ontweldigen, Op den zesden van Hooimaand floeg hij zich voor dezelve neder, eenige dagen laater werden de Loopgraven geopend , de Stad fel befchooten en bedormd. De dappere de Calvo , die de Bezetting geboodt, in (lede van den Maarfchalk d'Estrades, verdedigde dezelve met heldenmoed. De Belegeraars vermeesterden, niet zonder zwaar verlies , verfcheide Buitenwerken ;■ doch de Belegerden maakten , van tijd tot tijd , nieuwe affnij dingen , die den Prins onophoudelijk werk verfchaften. Eene zwaare ziekte, in 't Leger ontdaan • de, nam nog meer Volks weg, dan in de veelvuldige'aanvallen fneuvelde. Zijne Hoogheid durfde met de dus derk gedunde manfchap de aankomst niet afwagten des Maarfchalks van Schomberg , die Airt door des Humieres hebbende doen inneemen , iri aantocht was , om Maastricht te ontzetten : duï

moesi

.(*) Daniël, Journal de Louis XlV. p. 134- Temple Mem. p. 465. 466. Holl. Merc. 1676. bl. 61.64.7P 8a VIL Deel. 2. St. Q

Willem de III.

De Priflê van 0ranjebelegert Maastrichtte ver. geefscb»

1

r

Sluiten