Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

55*

GESCHIEDENIS

Willem dk 111.

'er geene Landfchaps- vergaderingen gehouden wierden, tot groot nadeel van 't Gemeenebest , en van dit Gewest in 't bijzonder. De Ommelanden vervoegden zich bij de Algemeene Staaten, met bede, dat deezen, gelijk meermaalen, gemagtigden ge'iefden i-e zenden , tot bijle^ging der gefcbiilen. Men beiloot hier toe in Sprokkelmaand des jaars MDCLXXVJI. Zijne Hoogh,id werd verzogt, do Gemagtigden in perfoon te willen vergezellen , en door zijn hoog gezag teonderfleunen. Hetgefchiedde, ondanks Frieslands tegenkanting tegen dit befluit, willende, dat men eerst beproeven meest, of de gefcbiilen niet in der minne waren byteleggen door Prins Hendrik Casimir, Stadhouder van 't Gewest. De uhfpraak der Gemagtigden , ten voordeele der Ommelanden, weigerde de Stad aanteneemen. Deeze vondt zich gefterkt door haaren Stadhouder, op den Prins van Oranje misnoegd, dewijl deeze, zonder de Staaten of den Stadhouder te kennen , Patenten verleerd hadt, om eenige Regimenten uit Friesland en Groningen te trekken , tot ver« fterking des Legers van den Staat. Zij rekenden zich verkort in hunne Voorregten, en weigerden het Volk te laaten trekken. In dit gefchil verklaarden zich de Algemeene Staaten voor den Prins vanOranje, als mede de Ommelanden ; doch Groningen hieldt

de zijde van haaren Stadhouder. Met één

nieuw Vertoog vervoegden zich de Ommelanden bij de A'eemeene Staaten , en oordeelden toen den tijd gebooreu, om eenige andere gefchilpunten tusfchen

hen

Sluiten