Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dtffe. NEDERLANDEN. 553

nenen de Stad* ten hunnen voordeele", te zien beflisfen ; eifchen doende , die baarblijküjk aantoonden, dat men verandering in de Regeering der Stad zogt te wege te btengen. Het befluit der Algemeene Staaten was,,, dat de Stad zich , binnen veertien „ dagen, aan de uitfpraak hunner Gemagtigden '„ zou moeten onderwerpen , of dat de Ommelan,, den anders geregtigd zouden zijn , om , in zaa„ ken van Pvegeeringe , Geldmiddelen en Regts-

oefening, op zichzelven huistehouden." Schoon de Stad niet alleen , maar ook Prins Hendrik Casimir, dit befluit ftrijdig keurden met de Vrijheid en Hoogheid vau 't Gewest, en de laatlte weigerde de hand te leenen tot het oprigten eener afzonderlijke Regeering der Ommelanden, nam dezelve egter een aanvang, en inet deeze eene groote verwarring , die nieuwe klagten der Ommelanden veroorzaakten en over den Stadhouder, en over de Stad. Groningen zogt heul bij de Staaten van Holland, zelfs Gemagtigden zendende na de bijzondere Steden, om ze tol het voorftaan van de Stads belangen ovêrtehaaleri. Doch te vergeefsch : 't was thans de tijd niet vooi de Staaten van Holland, om zich te verzetten tegen het gevoelen der Algemeene Staaten , gerugfleund door het hooggefteegen gezag des Prinfen van Oranje. Men, Helde , met toeftemming van Hollandvast, dat de Stad zich naar de uitfpraak van zijnt Hoogheid en verdere Gemagtigden zou hebben ti gedraagen. Het gevolg van al dit twisten was, da de Ommelanden in het hoofdgefchil gelijk kreegen

VIL Deel, 2. Sti K öot

VVlLLtfW DE 111.

i

Sluiten