Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ïo

GESCHIEDENIS

Willem

de III.

de Algemeene Staaten, maar van de bijzondere Gewesten afhing, uit hoofde van elks Oppermogenheid; dat de afdanking der Knegten, die ter hunner betaalinge Honden , geleideden moest door Prins Hendrik Casimir , hunnen Stadhouder en CapiteinGeneraal. En , daar de Prins van Oranje zich reeds van de hem gegeevene volmagt der Algemeene Staaten bediend hadt, om Volk, door Friesland en Graningen betaald, aftedanken, hielden zij de afgedankten aan, en dankten anderen af. — Zij verdeedig. den in den Haage hun gedrag , en zogten het ter Vergaderinge van de Algemeene Staaten te regtvaardigen. Doch deezen hielden ftaande, dat het Krijgsvolk hun den eed gedaan , en altoos geftaan hadt onderden Capitein-Generaal der Unie ; dat men, eenige bedreevenheid hebbende in het Huk der llegeeringe, niet kon ontkennen, dat de Oppermogenheid in de Staaten dtr bijzondere Gewesten huisvestte; doch hoe hier uit in geenen deele volgde, dat zij eene volflrekte befchikking hadden over het Krijgsvolk, 't geen men onder elks bijzondere foldy Helde; en m-n altoos zich verklaard hadt tegen zodanige eifehen. De twee Gewesten lieten zich niet omzetten door da bijgebragte redenen, in eene zaak , welke niet alleen hunne Vourregten , maar tevens hunne belangen Betrof. — De Algemeene Staaten, onverzettelijk [taande op hun betwist regt, kwamen tot een Hap , nooit , dan in den uirerflen nood, gedaan , naamlijk het doen van eene Bezendi:jg na de wederflreevende Gewesten ; doch zonder

ee-

Sluiten