Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Willem de III..

So GESCHIEDENIS

verde zijne klagten ter algemeene Staatsvergaderinge in. Zijr breedfpraakig Vertoog was opgevuld met fcherpe en dreigende aanmerkingen. Onder anderen verklaarde hij , „ dat zulke Verbintenisfen , ge„ vonnd tegen den Koning , bedekt met het hars„ fenfchimmig voorwendzel van 't handhaaven der „ laatfte Vredes-verdragen , het Gemeenebest eet, nen , misfchien veel verderfiijker , Oorlog dan den laatften op den haize zouden haaien ; en dat de Koning begeerde te weeten , of hij de Staaten „ zou moeten aanmerken als zijne Vrienden , of ala „ Lieden, altoos gereed tot het omhelzen eener zij„ de , allermeest tegen zijne belangen aange„ kant (*)*"

De Staaten beantwoordden dit Vertoog, binnen korte dagen , op eene eerbiedige en deftige wijze. Zij betuigden geene Verbintenisfen aangegaan te „ hebben , regtftreeks aanloopende tegen de belan,, gen des Konings ; dat zij van de goedheid en de „ regtvaardigheid zijner Majefleit niet konden ver„ wagten, dat hij zich gehoond zou rekenen, de„ wijl een Staat, dien hij de eer deedt van voor vrij „ te erkennen, Verbonden floot, eeniglijk ftrekksn„ de>om de Ingezetenen deezer Landen tebewaaren „ bij hunne Vrijheid en Godsdienst, en den Vrede, ,, hun door God verleend ; dat, daarenboven, de „ Verbintenis gefloten was metéénen zijner Bondge-

„ noo-

C) d'Avaux , Tom. L p. 195. Holl. Merc. 1681.M. 240, 243.

Sluiten