Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

to GESCHIEDENIS

fterdam , maar ook met de voornnamfte Steden var» Holland gefproken hadt, vreesden, dat een grooter getal welhaast Amfterdam zou toevallen; dit bewoog hen, een voordel ter baane te brengen, waar in zij meer hunne verknogtheid aan den Prins, dan hunne kunde in 's Lands zaaken, aan den dag lagen. Zij floegen voor: „ Of trien den bijzonderen Leden der „ Vergaderinge de verftandhouding met uitheemfche „ Gezanten niet behoorde te belettent"— Geen wonder, dat eenigen dit zeer goed keurden. Maar Amfterdam kon hier toe geenzins verftaan , of het moest verboden worden door eene uitdruklijke Wet, of de Staat in openbaare vijandfchap zijn met de Mogenheden, van welken de Gezanten kwamer». We! wilden zij belooven, opening te geeven aan Ai andere Leden van de Hooge Regeering van alles , 't geen hun door uitheemfche Gezanten, den Staat in 't gemeen betreffende, werd voorgehouden. Met defi Afgezant van Frankrijk dagten zij zo wel te mogen fpreeken als met de andere uitheemfche Gezanten, onder welken de Zweedfche nog onlangs door den. Heer Raadpenfionaris aan hun gezonden was, om ti vcrneemen, hoe het ftopdt met hunne raadpleegingen op het ftuk der Wervinge ? Ook behoorden zulke gefprekken hun zo wel vrij te ftaari, als aan andere Leden der Hooge Regeeringe , die zij dagelijks met uitheemfche Staatsdienaaren zagen verkeeren.— De Raadpenfionaris hun eenige Befluiten , die zulk een handel fcheeneu tewraaken, voorgefteld hebbende, brsgten zijdaar op in, dat deeze Befluiten, zo

Willem bi 111.

Sluiten