Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3T4 GESCHIEDENIS

Willem

DE Hl.

G'fchil in Over-

door Koning Willem befiist.

-, toekomen, maar zei ven o vertekenden; dathijder„ halven niet nagelaaten hadt de verkiezing tedoen, „ fchoon hij anderzins ook gaarne zijn .Stadhouder» ljjk gezag zou gebruikt hebben, om der Staaten ,, Refblütie te handhaaven. En, gelijk hij vastver„ trouwde, dat de Staaten de vereiscbte zorg zouden „ draagen voor de behoudenis zijner Stadhouderlij„ ke Voorregten , zo wilde hij zich ook een Voor„ flander toonen van de Privilegiën der Stad Amfter„ dam." Vervolgens werd bepaald , dat, wanneer Koning Willem zich buiten de Provincie bevondt, de Nominatie van Schepenen van Amfterdam 's jaarlijks aan hunne Edele Grootmogenden zou overgebragt, en telkens gezonden worden aan zijne Majefteir, om daar uit de verkiezing, als Stadhouder, te doen. Overeenkomftig hier mede is gehandeld zo lang Koning Willem leefde. — Het verfchil over de zitting des Graaven van Portland werd te gelijk met het andere vereffend ten genoegen van den Staat en van zijnen Koninglijken Meester. De Afgevaardigden van Amfterdam woonden de Vergadering van Holland bij in tegenwoordigheid des Graaven : ook bewilligden zij vervolgens in de gemeene lasten (*).

In Overijsfèl rees een gefchil tusfehen de Ridderfchap en de Steden, die zich, naar der Edelen oordeel , te veel regts hadden aangemaatigd over de belastingen op de middelen van verteeringe , zonder het Lid der Ridderfchap naar behooren gekend te hebben.

(*) Wagenaar, Amft. VI, St. bl. 163 eaz.

Sluiten