Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

WïLI.EM CE tlt.

34^ GESCHIEDENIS

woonüjk , dewijl de Engelfchen gemaklijk hunne Havens weder konden bereiken , en , ondanks dc fchande der nederlaage, hun eigen Land befchermen. De Koningin, der onzekerheid en ongerustheid moede, kwam tot het belluit , om Tourington volflrekt bevel tot het leveren van een (lag te geeven.

Hij ontving deezen Lasr. Reeds verfcheide dagen hadt hij in 't gezigt der Franfche Vloot doorgebragt, doch dezelve , uit aanmerking van den voordeeligen post, waarin ze zich bevondt ,niet durven aantasten j maar toen zeilde hij een Vijand, gereed om hem te ontvangen , te gemoete. Zijne Vloot beftondt uit vierendertig Engelfche en tweeëntwintig Hallandfche Schepen. De Hollandfche Vlootvoogd Coknelis Evertsen , Luitenant-Admiraal van Zeeland , dc zelfde, die Koning Willem bij den overtocht begeleid hadt, voerde de Voorhoede aan , en Torpingion hadt het opperbevel over het overige der Vloote. Tusfehen deeze Vlootvoogden was dit aanmerkhjk verfchil, dat 'er één om den roem vogt. Evertsen wilde andermaal Engeland verlosfen , en zijne Landsgenooten ontheffen van het fmaalen der Engelfchen, dat zij in 't voorgaande jaar niet tijdig genoeg opgedaagd waren tot den Zeeftrijd in de Baai van Bantry. Torrington , door de grootheid zijns aanztens ongevoeliger voor roem, dagt alleen op de behoudenis zijns Vaderlands. Dit was misfehien oorzaak, dat, terwijl Torrington langzaam en in goede orde aankwam , Evertszn met voile vaart vooruit zeilde. Hij begon 's morgens te» negen uu-

Sluiten