Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

39°

GESCHIEDENIS

Wju.em

de III.

Atnfiag op hec heven van Wil-

1e\! d£n III.

i

,1 1 ]

y

zij bepaalden zich tot het bombardecren van Calais, en St. Martin, op het Eiland llhee , zonder noemenswaardig nadeel. De Ridder Jan Bart ligtte eene Vloot, uit de Oostzee komende , op , en nam de Fregatten , tot derzelver geleide beftemd ; maar nauwlijks badt hij dien prooi in handen, of hij werd aangetast door de Hollandfche Vloot, en genoodzaakt een groot gedeelte der Prijzen te verbranden, ten einde zij door de voorgaande Eigenaaren niet mogten hernomen worden (*). Tusfehen de Legers ten Lande viel niets meldenswaard g voor. Gebrek aan Geld te wederzijden belette iets van gewigt tegen elkander te onderneemen.

Koning Willem, wiens leeven, geduurende deezen Oorlog, zo veel gevaars liep, daarbij zich dikwijls in 't heetst des gevegts waagde , was, in den aare MOCXCH, een aanflag.op hetzelve gefmeed, gelukkig ontkomen, en Gkandval, de aanvoerder, 'eftraft (f). — Naa den dood der Koninginne VlAitrA , hadden de Jacobiten in Engeland voorbeeidzels gemaakt , om hem van 't leeven te beroortn, en Koning Jacobus weder op den Throon te ïefTen. Zij handelden met hem en het Franfche Hof, t weik deeze maatregels fcheen goedtekeuren. Het verd, met den aanvang des jaars MDCXCVI, door lêa Graaf van Portland ontdekt, weinig da^en voor

de

O) Damel Journal, p. 184. Tindal, Vol. III. p. 66. 268.

(t) Wacenaar, Vader!.Hifi. XVI. D. bl. i26.

Sluiten