Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3io GESCHIEDENIS

StaatsRegee-

drie en twintigfren was de gemeenfcbap tusfehen dat Fort en de Stad geheel afgebrooken. Men fchoot 'er bres, en de daar gebiedende Officier, zijn Krijgsvolk aan geen onvermijdelijk verderf willende blootRellen, als h'j het ftormloopen aavagtte, lloeg dien zelfden dag den aftocht, en gaf zich met de zijnen krijgsgevangen.

Zo ras de Franfchén het Fort in hadden, opende zij de Huizen, die het water rondsom de Stad ophielden, 't geen de vermeestering zeer veel deedt fpoeden. Op den avond dat het Fort de Scarpe overging, verliet Eugenius zijne Legerplaats ie Ribaucourt en begaf zich na Sec/in. De Villars het nu veel rustiger hebbende, liet zijn oog bijzonder over het beleg gaan: nieuwe kanaalen graaven tot het afleiden des wa'ers, en meer gefchuts en mortieren op de batterijen brengen. — Niettegenflaande de onvermoeide wakker- en werkzaamheid der Franfchén, kreegen zij den eerften bedekten weg, naar't verlies van veele Officieren en Soldaaten , niet in dan 's nagts tusfehen den acht en negen en twintigflen. Vervolgens wierp men twee bruggen over de gragt, om den tweeden bedekten weg te krijgen; doch de Belegeraars verbrandden de eene, en vernielden de andere door 't geweld des waters, 't geen zij lieten inftroomen.

Den een en dertigflen vernam de Villars, dat Prins Eugenius eenige beweeging maakte, waarop hij na Lewarde trok, om tegen alle verrasfing op zijne hoede te weezen. Vervolgens verneemende,

dat

Sluiten