Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ris. STAAT ËN OORLOG. 17P5.. se)

Wy kunnen nog mogen voor D Hoogheid niet ontveinzen, dar de eeëxtendeerde premisten van de Misfive, door U Hoogheid aan Hun Hoog Mog. gefchreeven; de raifonnementen daarin vervat; de fatten daarin jr^p feerd ; de confequentien daaruit getrokken; en de conclufien , daaruit geformeerd , Ons in den hoogden graad hebben gefrappeerd, en in de onvermydelyke noodzaaklykheid gebragt, om (daar U Hoogheid dezelve aan 't geheele Bondgenoo'fchap adresf^err, en Wy dus niet voorby kunntn , Ons zulks mede aanterrekken,) op eene, aan cordaate Regenten, en Vrye Friezen pasfende wyzen,die de innerlyke bewustheid gevoelen , dat hunne pligten jegens hun Vaderland en hunne Committenten betragt en gedaan hebben , te antwoorden op alle die Hellingen, die op eene meer of min ingewikkelde wyze 0:S voorkomen te tendeeren, om de rampen , waar onder OiS Vaderland nu zoo lange gezugr heeft, en waardoor hetzelve zedert eenige jaren zoo bitter gedrukt is, en nog gedrukt word, daaraan toe te fchryven : „ Dat het Uwe Hoogheid (dit zyn de woorden) niet heeft mogen gebeuren, deszelfs bedoelingen te bereiken en deszelfs pogingen met eenen gewenschten nitfiag bekroond te zien; vermits daardoor Ons Vaderland aan geene buitenlandfche Oorlogen geëxponeerd, en door geene binnenlandfche tweefpalt zou zyn beroerd geworden , maar dat her by deszelfs Vryheid, Vrede, Onafhankelykheid en Welvaart geconferveerd, in alle gevallen in behoorlyken ftaat van defenfie gehouden, en tot den hoogften top van luifter en voorfpoed gebragt zou zyn. En dat by gevolg alle die rampen, die aan de Republiek, zedert weinige jaren , zyn overgekomen, en die haar nog verder te vrezen (taan, nier zonder de hoogfte onregtvaardigheid aan U Hoogheid kunnen worden ten laste gelegd."

Wy betuigen voor God en het Vaderland, wars te zyn van allerlei verdenkingen, imputatien en reproches, en dezelve nimmer te willen gebruiken , maar die te verfoeyen. Dog Wy willen voor U Hoogheid niet verbergen , dat Wy in de bovengemelde uitdrukkingen eene duidelyke inculpatie vinden van het gedrag der Hooge Regeering: Immers wie anders dan de Regenten hebban

Sluiten