Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maart, STAAT EN OORLOG. 1785. 321

Zeeland, Utrecht, en Stad en Lande van de gereezeue gtfchillen, tusfchen de meerderheid der Rid.lerfchap en Steden dier Provincie, vriendnabuurlyke kennis te nemen ; die parthye, welke bevonden zal ^ worden in het ongelyk te zyn te adhorteeren en te induceeren , om van haare ongefundeerde eisfchen en oppolitien af te zien, en zoo mogelyk laags dien weg de rust en eensgezindheid aldaar te herftellen: wordende welgemelde Heer Rengers verders gelast, om by ontftentenis daar van aan hun Ed. Mog. rapport te doen, ten einde dezelve en hooggemelde andere Bondgenooten verders zoodanige maatregulen kunnen beraamen, als het belang en de rechten van het Bondgenootichap in het algemeen, en die van de Provincie Overysfel in het byzonder zullen komen te vereisfchen.

En zal Extract, dezes aan meergemelde Heer Rengers in de Kamer van het minder getal door den voo^zittenden Heer worden ter hand gefteld , om te dienen voor Commisfie en Inftructie.

En is wyders gerefolveerd, dat van deze benoeminge by Misfive kennis zal worden gegeeven aan de Heeren Staaten der gemelde vyf andere Provinciën, en dat daar by zal worden geinfteerd, dat voorfz. Commisfie ten fpoedigften en zo mogelyk in de maand September of Oétober aanftaande werde geëxerceert: met verder verzoek aan hoogstdezelve, om hunne refpedfive Gecommi teerden te authorifeeren, om den praecifen tyd en de plaatfe, alwaar de Commisfie by een zal komen, onderling met de Heer Gecommitteerde dezer Provincie te overleggen en te beraamen.

Wordende' voorts bet Collegie der HeeXXVII. desl. X1 ■' ren

Sluiten