Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

iö I. Hoofdstuk

„ heid bevorderen: maar veel meer die beide s, Jlooren; want, dan zouden wy een denk.. „ beeld van den Schepper hebben, dat noot>, wendig ongeruflheid en tegenzin in ons „ zoude moeten verwekken — daarentegen „ wanneer wy ter Onflerflykheid gefchikt „ zyn, en hier namaals eene naderen toegang „ tot den Vader der Geeflen zullen hebben, „ en overeenkom/lig de gefleldheid van ons „ gedrag in deze Waereld zullen worden „ aangezien. — Zo geeft de Godsdienft een

Eerbiedenswaardig denkbeeld van God, „ van zyne volkomentheden, oogmerken en

Regeering over de Menfchen, dan beweegt

ons de Godsdienft, om het groote doelwit „ van den Maaker onzer Natuur nategaan,

en in den voorfmaak van een laager. ger „ mengde, en tydelyke Gelukzaligheid eene „ hooger, zuiverder en eeuwige te hoopen.

II. En van agteren, wordt deze zaak door de Ervarentheid, en de algemeene overeenftemming aller volken,niet minder beveftig*.

V. Wat zoudt gy de Godverzaakers te gemoet voeren, die deze Godgeleerdheid der

Loop-

Sluiten