Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van de Godgeleerdheid. 23 den Val, en mag men flellcn, dat Adam, in zyn RechtgefclKipen (laat, buiten eene byzondereOpenbaaring kennisfe gehad heeft aan de H. Drieëenheid?

A De rede die ten voordeele van dit gevoelen pleit, is

1. Om dat het Beeld Gods, en de waare Wysheid hem Natuurlyk was ; zo Adam derhalve in den ftaat der Rechtheid van de H, Drieën heid geene bewustheid gehad heeft, heefc hy van eene dwaaling Zwanger gegaan, die naderhand door eene byzondere Openbaaring is moeten weg genomen worden.

2. Zo 'er geene de minfte kennisfe van de H. Drieëenheid in hem heeft plaats gegreepen, heeft hy God nog betaamelyk kunnen kennen, nog dienen;—Want de Verheerlyking ran God beflaat in eene hem betaamelyke dienft: maar niemand kan God op eene betaamelyke wyze dienen, zonder kennisfe te hebben aaa die waaren God, welken hy dienen moet; nu kent niemand den waare God, ten zy hy hem als Drieè'enig

B 4 kent,

Sluiten