Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van dé H. Schriftuur. 89

V. Wat volgt hier uit?

A Dat alleen in de Hebreeuwfche Taal van het Oude, en de Griekfbe van het N. T. het onafhankelyke en zelfmachtig gezag der H. S. S. geleegen zy, en men , in alle twyfelachtigheden, zich tot dezelven begeeven moet.

1. Om dat in de Hebreeuwfche en Griekfche Taaien, als de oudfte, beide Teftamentcn gefchreevcn zyn.

2. In deze twee Taaien, is alleen een Goddelyke en onfeilbaare ingeeving te vinden, daar alle andere Overzettingen, alleen hun gezag van Menfchen ontleenen.

Tegenw. De Roorofche Kerk nogtans, om het gezag der Latynfche Overzetting te laaten gelden, en ons dezelven als zelfmachtig op te dringen; fchoon deszelfs af komfl: geheel onzeker is, en 'er dingen in gevonden worden, die ftreiden met de Leere des Geloofs, geeft voor, dat de H. S. S. in die oorfpronkelyke Taaien, van oude tyden af, met opzet, door de Jooden zeer bedorven zyn. —

F 5 A. Dit

Sluiten