Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van de H. Schriftuur. 125

Christus en de Apoftelen gefproken ende gedaan hebben , woordelyk in dezelven te leezen is, dan zyn wy genoodzaakt zulks te ontkennen; want, het tegendeel wordt ons geleert Joh. 20: vs 30. Jefus heejt nog wel veele andere tekenen in de tegenwoordigheid zyner Difcipelen gedaan, die niet en zyn gefchreeven in dit boek. — en Joh. 21: vs 25. Ende daar zyn nog veele andere dingen, die Jefus gedaan heejt, welken zo ze elk byzonder gefchreeven wierden, ik achte dat ook de waereld zelve de gefchreeve Boeken niet en zoude vatten. —

Maar, als men door die volmaaktheid en genoegzaamheid der H: S. S. verflaat die eigenfchap , waar door alles, wat tot Zaligheid te gelooven en te doen noodtg is, in dezelven gevonden wordt, zo, dat men buiten de H. S. S. zyne toevlugt tot geen ongefchreeve woord, ofte eenige overteeveringen behoeft te neemen, kunnen en moeten wy Ja antwoorden ; echter met deze bepaaling , namelyk,

1, Dat het geen noodzaake is, dat al

het

Sluiten