Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2«ö IV. Hoofdstuk

wyzen? en wel vooreerft, dat God een geef} is?

A. Wanneer wy zeggen dat God een geeji is, (temmen wy overeen met de H. S., die het woord Geeft van God niet alleen gebruikt, om de derde Perfoon in de aanbiddelyke Drieëenheid: maar ook het Goddelyk Wezen 'er mede aan te duiden. — Zo leezen wy,

1. Joh. 4: vs 24. mtv^ •<,&,„%, God een geefl, waar onder verftaan wordt, «■< , is, en niet, zo als Socinus wil zoekt; want

*. Is de uitlaating van het woordeke i,V meer gebruikelyk in de H. Bladeren,

Wanneer de Schrift zegt, — dat God een geefl is, geeft zy met eene rede, waarom God vordert, dat men hem in geefl en waarheid zal aanbidden, en legt een grond voor de volgende vermaaning, om God vooral in den geefl te dienen.

i. Dat God een Geefl is, wordt nader aangedrongen in zulke plaatfen van de H. S., — daar God geeftelyke vermogens van Verftand en Wil worden toegefchreeven,

zo

Sluiten