Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Over Gods Bestaan, &c. 255

ten deele uit de veelheid der Goddelyke naamen, eygenfckappen en werken, —ten deele uit eene begeerte om de Zeden van veele heldhaftige Perfoonen te vereeuwigen, die, of, door hun kracht, of, uitvinding, voor het Menfchdom van veel nut waren geweeft, welken zy daarom, na hunne dood, het beftier over eenig Waerelddeel opdroegen; — daarenboven , fchoon Orfeus ons een geheele Geflacht-regifter der Goden leevert, erkenden echter de wyften onder hen eenen waaren Oppergod, welken zy de Vader der Goden en Menfchen noemden, en onder welken de anderen Jlonden. —

V. Is 'er dan in dit eenige Goddelyk wezen , ganfeh geene zaakelyke tfaamenjlelling te vinden?

A. Geenfints, nog eene Natuurlyke, beftaande, of, uit deelen buiten deelen, of, uit de floffe en de Jorme,—nog eene Redeneerkundige, betraande, of, uit een gejlacht, en foorte, of, uit het onderwerp, en deszelfs toevalligheden. — nog eene wezenkundige,

be-

Sluiten