Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maart, STAAT EN OORLOG. 1785. ï7p

Gezwooren Makelaar, al mede een onvergenoegd Officier. De 48de al mede een onvergenoegd Officier en Vriend , en Bediende van voornoemde D. W. van Vleten. De 49de deeze Heer anderzins zeer veel oordeel bezittende, heeft men mogelyk thans door zyne zwakke gedeldheid mede by furprife overgehaald. De 50de een kundig Advocaat, doch een onvergenoegd Officier, van wien het echter onbegrypelyk is, dat hy Stads Rechten kennende, hiertoe heeft geaccedeeri. De 51 (te Moeder van de Heer Vroedfchap Voet. De* 52de een Schrynwerker. De 53de Thumme, een Taalmeelter, een Vreemdeling; en de 54de of laatde, die het hek duit, is een Man, die deeze dap ook wel wat meer mogt door gedagt hebben.

Zie daar de refpedtive betrekkingen van deeze iay Ondertekenaaren , die men nu aan elk overlaat te beoordeelen, hoe verre zy zich van Eigenbelang, Fami]ie en Partyzucht kunnen vrypleiten. —- Het voortreffelyk Rapport der negen Heeren doet alles af, om daar by nog iets over deeze openlyke inbreuk op der Burgeren Rechten te voegen. Men heeft met recht de mond alomme vol gehad van ongepaste Dank-Addresfen , die men den eerften Staatsdienaar heeft aangeboden , en Verzoeken, die eenige laaghartige Burgers hier en daar , tot opvolging van onbetamelyke deferences, geprefenteerd hebben, maar wat zal nu elk onzydig en weldenkend Nederlander en eene verlichter Posteriteit van dezen haastigen en niet genoeg beraden dap derk en ? Zal die niet drydig met der Burgeren Eed en Plicht altoos befchouwd worden , en zoude het niet best zyn, dat deeze zo finguliere verzoeken maar wierden terug genomen? Hoe het zy, het zou ten minden niemand vreemd voorkomen , dat 'er by nader inzien eenige Tekenaaren, het zy Mannen, oude Vrouwen of Juffers aangefpoord wierden, op het royement hunner naamen aan te dringen, om niet by het tegenwoordig en volgend gedacht altoos in een ongunftig aandenken te blyven.

XXVIII. deel» I

XLVI,

Sluiten