Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

july, STAAT EN OORLOG. 1785. 355

OHiciei's, wiens abfentie van groot nadeel voor de bevordering der zaak kon zyn, en die boven dien eersr twee dagen laater vertrok: behalven, dat hy Commandant , indien hy het- al nodig gedacht had , den V. A. van Byland , volgers het, naar zyn zeggen, (g) in het militaire ge. ufuterde gebruik, daar meae te belasten, denzeiven OfTicier, die met het Commando van de Expeditie naar Brest fcheen te zullen worden gechargeerd, dan nog, in allen gevalle, ftellige * orders en onderrigtingen tot het fuppediteeren der gemelde Elucidatien had moeten geeven; 't geen hy echter niet gedaan had Qh).

Uit welk verilag dan , zoo men vertrouwde, zou kunnen blyken, in hoe verre het laaten vertrekken van den V. A. van Byland uit de Vloot alt nuttig of noodzaakelyk kon worden aangemerkt; in hoe verrt» het zelve kon hebben medegewerkt, om eene geheele of gedeeltelyke wegruiming der beletzelen, welken naderhand tegens den Togt naar Brest zyn geopperd, te vertraagen of te verhinderen; in hoe verre de tegenwoordigheid van den gemelden V. A. daar en tegen tot die wegruiming zou hebben kunnen medewetken, vooral, ingevalle de Commandant der Vloot had kunnen goedvinden, denzelven direct van de aanltaande Expeditie te waarfqhouwen niet alleen , maar ook over het maaken der noodige prasparatien te raadpleegen; eneindelyk , in hoe verre dus het gedrag van den gezegden Commandant in dezen al of niet verantwoordelyk zy.

Dat nu verder te onderzoeken zynde, hoedanig gedrag de V. A. Harifinck, na de receptie der orders , door Z. H. op den 3 October afgevaardigd , tot het doen volvoeren der by HH. Mog. beflotene Expeditie naar Brest , ge.

boute) Verhoor V. A. Hirtfinck, No. 17. Art. 4. ï/t) Idem No. i<5. Art. 2.

Z e

Sluiten