Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

STAAT EN OORLOG. £786. 75

den den 3 Aug» daar aan volgende rap. porteerden: t

Dat welgemelde Heer Prineï had getoont, zig over die materie niet te konneu inlaaten , zoo om andere reedenen, als, om dat hy geen genoegzame kennis had van de gronden, waar op de gefastineerde vrydom der Goederen, toebehoorde aan de Descendenten van Prins Willem den oude, was berustende, maar dat hy, na de ex■ traditie der Chartres en Papieren, welke zig nog onder hun Hoog Mog., als Executeurs, bevonden, zig in ftaat zoude ftellen, om over deeze materie met Commisfarisfen van hun Edele Gr. Mog. in discusfie te komen. Op dit Rapport wierd by hun Edele Gr. Mog , in agting genomen zynde, dat de bovengemelde gepretendeerde vrydom met de bewyzen daar toe relatif, zedert het overlyden van hoogstgedagte zyne Majefteit, te meermalen by Misfive en Memorien waren voorgedragen en zelfs met den druk gemeen gemaakt, goedgevonden: Dat met de bovenihande exceptie, of excufe geen genoegen konde werden genomen: Dan hoogstdezelve refolveerden niet te min:

Dat, alvorens op het bovengemelde Advis van den 21 Mey finaal te befluiten, nog een nader Tentamen tot een minnelyk verdrag met den Heer Prince van Nasfau door de Heeren Gecommitteerde Raaden gedaan zoude werden, Dit nader Tentamen had geen ander gevolg , dan dat op den 26 dierzelve

maand

Sluiten