Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i32 april, ZAAKEN VAN 1786.

teerde Raaden tot het jaar 1747, en vervolgens geduurende de minderjaarigheid van den tegenswoordigen Stadhouder , doch evenwel niet dan na het overlyden van Mevrouwe de Gouvernante, zulks gedaan hebben. —

Dat het dus den Achtb. Raad is voorgekomen , dat de Stadhouder en Capitein Generaal , geduurende zyne tegenswoordigbeid , het Wagtwoord geeven moet, en in zyn abfentie Gecommitteerde Raaden.

Dat den Achtb. Raad verwondert is aeweest, dat de Heeren Gecommitteerden van hun Edele Groot Mog. tot maintien van hun fuftenue, hebben bygebragt, het gerefolveerde aangaande den Hertog van Wolffenbuttel in 175a; daar dezelve vermeent , dat deeze Refolutie integendeel ten klaarfte aantoont , dat het Commando van meergemelde Guarnifoen onaffcheidelyk is van het Ampt van Stadhouder en Capitein Generaal: dewyl daar by het gantfche bevel over de Militie, (zoo als het door den overleeden Stadhouder was bezeeten, en dierhalven meede het Commando over het Guarnifoen van 's Gravenhagen en het geeven van het Wagtwoord) aan Mevrouwe de Gouvernante gelaaten is; en het efFeft van de Inftructie van den Hertog opgefchort word, tot na doode van eveugemelde Princesfe: dewelke dan ook het voorfz. Commando en het geeven van het Wagtwoord, zoo als uit de Registers blykt, haar leeven lang gehad heeft, waar by nog aangemerkt moet worden , dat by aldien het Commando van den Haag geen gevolg van het Generaal bevel over de lrouppes, den Stadhouders en Capitems Generaals competeerende, was, het niet nodig

Sluiten