Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

april, STAAT EN OORLOG. 1786. 147

Republikeins, het oppergezag of Souverainiteit heeft Bornes, welke het, zonder zig aan onrecht fchuldig te maaken , niet overtreeden

kan. De Souverain is onaf*

hanglyk en alvermogend, in al dat geen te doen , waar voor een ge* noegzaame reden, uit de onveranderlyke regelen van regt vaardigheid en wysheid afgeleid , en daar ia gegrond, aangevoerd kan worden ; —■ doch verder gaat zyn gezag of vermogen niet. Hy kan nog mag dus een eigen dun kelyk gebruik van het aan hem toevertrouwd ve> mogen, pro arbitrio, maaken. — • Het natuurlyk regt, de billykheid, de reeden, zoo wel als de uitdrukkelyke bedingen en voorwaarden, mitsgaders de fundamenteele wetten , op welke de oppermagt is opgedraagen geworden , ftellen , in alle Regeeringsformen , zoo lange deeze door geene ufurpatie bedorven , of in Despotismus verbasterd zyn, Paaien,' op welke alle Burgerlyke vryheid en veiligheid onwrikbaar gevestigd moeten blyven, wil men de welvaart en bloei van den Staat dien trap van volkomenheid bezorgen, waar voor dezelve

vatbaar is.

Is dit zoo, zelfs in een Monar* chaale Regeeringsform , hoe veel te meer zal dit by ons plaats moeten hebben. Wie tog zou kunnen, of willen beweeren , dat de eerfte en bekende grondwet Salus publi* ca fuprema lex efto, by ons geene grenzen of bepaalingen hebben zou? Wie zou den Souverain, zonder K 2 den

Sluiten