Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

l6o april, ZAAKEN VAN 178Ö.

ke twyffeling daarom nog te meer confr» deratie verdient; gemerkt het bekend is, dat aan welgemelde zyne Excellentie, geduurende den Oorlog, grooter gezag op« gedraagen geweest is , dan aan iemand van de volgende Stadhouderen. —

Dit een en ander acht men voldoende, ten betoge van het geen Burgemeefteren en Vroedfchappen by het eerfte gedeelte deezer pro Memorie, zig ter behandeling voorgeftelJ hadden. Vooral daar het geen nog verder gezegd zoude kunnen worden, voor zoo verre zulks nodig zyn mogt, by de behandeling van het tweede gedeelte deezer Memorie, waar toe men als nu overgaat, nog nader te pas gebragt zal kunnen worden. •—

Om egter deeze pro Memorie geen nodelooze extenfie te geeven , zal men zig deezen aangaande ——

Eerftelyk refereeren aan het geen 'er tot juftilicatie van de fuftenue van Burgemeefteren en Vroedfchappen, by de Refolutie zelve, gevonden word. ——

7e» tweede op dit refpeót voor gejuftificeerd en betoogd houden, dat de ware ftaat van het gefchil geen relatie of betrekking heeft, tot het wetgeevend gedeelte van het gezag over de Militie;—— voorts dat hier , even min, queftie is, of zyn kan over de afhangelykheid , ondergefchiktheid , obediëntie , of fubordinatie van het uitvoerend gedeelte van dat gezag aan den Souverain en zyne beveelen; gemerkt zyne Hoogheid, by herhaaling , geadvoueerd en erkend heeft, dat het Militair Commandement, aan hem erfelyk gedefereert, welke uitgebreidheid het zelve dan ook, naar zyne begrippen hebben moge, zodanig ondergefchikt is aan de beveelen van den Souverain, dat

hy

Sluiten