Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

STAAT EN OORLOG. 141

ot> Frydag den derden February van dat Jaar, en niet tot de beide anderen, welke da,gs te voren reeds des avonds ten 6 Uur en, by toortslicht wierden opgehangen uit een vengfier der

^E^èlyk % Ed. Gr. Mog. Heeren ! hebben Wy gaene zwarigheid gemaakt gehad om 'er bytevoegen, dat mede notabei was het gezegde van Qasfius, te vinden in de Annales Tacttt, Lib. 14. Cap. 44. No. 7. „ Habet aliq 10 ex iniquo omne magnum Exemplum, o.u.>o

V contra singulos utilitate P u!' blica rependitur."

Maar Wy zyn niet weinig g-Turpreneerd geweest over de exorbitante bitterheid , wan me. de die allegatie op pag. 31. van 't hofs nadere Misfive van den 2 Juny ia beantwoord gewor-

^Eerst geeft men, zonder dat het 'er iets toe doet, of eenige de minlte reden daar toe aanleiding gaf, het gevai op , waarin dar gezegde van Casfius was gebezigd ,alswaauhv vierhonderd MeN>-CHEN en KlNDERt-N, van dewelken het GROOT-TE gedeelte ont wyffelbaar onschuldig was, de slachtoffers geworden waren: . . '

Vervolgens verkiest men de Nederdunjche Vertaling van den Ridder Hooft, in plaatze van den originelen text, waarvan het 0 >gmtrlt niet moeijelyk te gisfen valt ; en , «onder zich te borneren tot het geen enkel en alleen daaruit door Ons aangehaald was , hcth men zich wyders behaagt, met 'er by te voegen de, volgens gemelde Vertaling, even voorbaande woorden, dat fat eenice onnozelen wel het leven zoude kosten, maar met gelyke reden, als wanneer van een heir, dat gevloden hadde, de tiende Man gekneppeld wierd, de dappe-

ren ook hun lot stonden;

En eindelyk remaiqueeit men op het gezegde

zei-

Sluiten