Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

16a maart. ZAAKEN VAN 1787.

van Ooilog, met betrekking tot 'twee onderfcheidene objecten, waar van by die Staat geen melding was gemaakt.

Het eerfte objed raakt de Mardchappen , welke nog zyn overgebleven uit het Plan van Auamentatie, waar mede de Arniée van den Staat, op den 15 December 1784 « geaugmenteen; beftaande die overgeblevene Maiifchappen in een Corporaal en twaalf Ruiters by het Regiment Lyfguardes te Paard', een Sergeant bl ieder Compagnie Grenadiers; en een Sergeant en een Tambourby ieder Compagnie Fufeliers van de Infanterie; en een Onder-Lieutenant, drie Bombardiers, tweeTambours en zeven en twintig Car.onniers by ieder Compagnie Artillerye.

Het tweede object is betrekkelyk tot het fubfldie voor het vyfde Battaillon van de Vorst van Waldeck.

Wat het eerfte poinct aangaat, moeten de Gecommitteerde Kaaden obferveeren , dat , gelyk de voorfz. geheele augmentatie alleen is geweest Tempor air, en met het bepaald oogmerk gearrelteerc, om, .terftond na het eindigen der doenmalige Buitenlandlche OnI lusten, wederom gereduceert te werden, zo

ook als nu, de redenen van Financie ten kragtiaften daar voor pleiten , dat door de afdanking van deze nog refteerendeManfchappen waar van de Scldyen ten lasten dezer *** Provincie, niet minder, als een fom van byna hondèrd-en-agttien duizend guldens 's Jaarlyks ' bedragen, de Provinciale cas van dit bezwaar ffeiibereert en oudast werde; dog dat, met. opzigt rot het tweede pointt, het gantsch ander> gelegen is, nadien het fubfldie voor het vvfde Ba'tai'lon van den Vorst van Waldeek op eene formeele Conventie gegrond zynde, daaraan niet gederogeerd kan worden.

En het is op fundament van al het hier voor gededuceerde, dat de Gecomn.itteer.ie Raaien U Edele Groot Mogende zullende dienen

van

Sluiten